De mythe van de negatieve calorieën


Dit dieetconcept klinkt zo goed, dat men er graag in wil geloven. Het idee dat er zoiets bestaat als voedsel met negatieve calorieën. In principe wordt ervan uitgegaan, dat voor bepaalde levensmiddelen meer energie nodig is om ze te verteren, dan ze aan calorieën leveren. Daaruit volgt dus: dergelijk voedsel helpt bij het afvallen.
Vooral selderij en citroenen werden in de afgelopen jaren steeds weer in het (figuur-)vriendelijke hokje geplaatst. Maar menigeen heeft vast ook al van spinazie of kool tot grapefruit als “negatieve calorieëndrager” gehoord.

Een eenvoudig voorbeeld vormt selderij.
Selderij is uit voedingswetenschappelijk oogpunt tamelijk inhoudsloos, bestaand uit voornamelijk water, wat voedingsstoffen en voedingsvezels. Een grote stengel selderie bevat slechts ca. 10 kilocalorieën. Aanhangers van de negatieve calorieën-theorie stellen dat het proces van kauwen en verteren meer calorieën verbrandt dan de selderijstang bevat, dus zogenaamde negatieve calorieën. Klinkt naar een win-winsituatie, toch? Maar wat gaat er werkelijk schuil achter deze theorie?
Helaas gaat het hierbij om een mythe, die in de voedings- en dieetwereld voor waar wordt gehouden alhoewel het volledig ontbreekt aan wetenschappelijke bewijzen.

Het grootste probleem van de negatieve calorieënmythe:
1. De theorie is te sterk vereenvoudigd:
Ons spijsverteringssysteem heeft calorieën nodig, maar het aantal calorieën, dat het lichaam nodig heeft voor de vertering, is onbeduidend/nietig in vergelijking met de hoeveelheid in het voedsel. Het lichaam gebruikt over de dag verdeeld ca. 10% van het totale energieverbruik om voedsel te verteren en voedingsstoffen op te slaan. Er is geen bewijs dat voor het verteren van bepaalde levensmiddelen meer energie nodig is dan dat zij bevatten.
2. De lijst van levensmiddelen is onzinnig:
Verschillende levensmiddelen zijn al op de “negatieve calorieën-lijst” geplaatst, maar buiten een hoog aandeel aan water en cellulose hebben ze weinig gemeen. Voorbeelden: Selderij, citroenen, kool, veldsla, appel, ijsbergsla, asperges, aardbeien, blauwe bosbessen, rode biet, bloemkool, komkommer, waterkers, meloen, tomaat, om er maar een aantal te noemen.
3. Fruitsoorten kunnen geen “negatieve calorieën-voedsel” zijn:
Het is typerend voor fruit dat het veel water en onverteerbare voedingsvezels bevat maar deels ook grote hoeveelheden natuurlijke suiker. In groente kan natuurlijk ook suiker aanwezig zijn, maar meestal bevat fruit er meer van. Kort gezegd: het is complete waanzin om fruit als negatieve calorieën te beschouwen. Een portie watermeloen bevat bijvoorbeeld al 46 kcal, net 12 gram koolhydraten en daarvan zijn er tenminste 9 gram suiker. Ook als een watermeloen slechts 46 kcal bevat, pleiten toch de simpele biochemie alsmede de wetten van de thermogenese tegen de negatieve calorieën-theorie.
Conclusie
Vele soorten groenten en fruit bevatten inderdaad slechts weinig calorieën. Er is echter geen wetenschappelijk bewijs voorhanden voor de “negatieve calorieën-theorie”, wat dit dus tot een mythe maakt die hardnekkig rondwaart in de wereld van de dieetfora.
Verse groente en fruit bevatten echter een hoog gehalte aan vitaminen en mineralen alsmede antioxidanten en secundaire plantaardige stoffen, die voor een gezond lichaam onmisbaar zijn. Bovendien is het hoge gehalte aan water (en voedselvezels) zeer verzadigend. Een voedselpatroon met veel groente en fruit is dus goed en helpt daarnaast om op gewicht te blijven of af te vallen.


Share:

Tags